Prinsjesdag: grote doorbraken voor de jeugdzorg blijven nodig

Jeugdzorg Nederland constateert dat de begrotingsplannen die het kabinet op Prinsjesdag heeft gepresenteerd onvoldoende ambitieus zijn voor de noodzakelijke transformatie van de jeugdzorg. In de Troonrede benadrukte de koning terecht dat kinderen en jongeren speciale aandacht verdienen en dat goede jeugdzorg beschikbaar moet blijven voor iedereen die deze nodig heeft. Jeugdzorg Nederland staat achter die woorden. Om ze waar te maken, zijn nu grote doorbraken nodig.

Ahmed Aboutaleb, voorzitter van Jeugdzorg Nederland, ziet lichtpuntjes in de financiële plannen die het kabinet vandaag presenteerde. “Het is goed dat er wordt geïnvesteerd in kwetsbare gezinnen, dat is een belangrijke stap.” Maar er blijven bij de branchevereniging grote zorgen bestaan over de consequenties voor de toekomst van de jeugdzorg die de financiële plannen van het kabinet hebben. Zo werkt het kabinet aan een wetsvoorstel voor de invoering van een eigen bijdrage in de jeugdzorg. Jeugdzorg Nederland waarschuwt dat juist gezinnen in een kwetsbare positie hierdoor extra hard geraakt zullen worden. Daarnaast is er nog altijd niet voldoende financiering voor de transformatie van de kind- en gezinsbescherming.

Bouwen aan een toekomstbestendige jeugdzorg

Volgens Jeugdzorg Nederland vraagt een toekomstbestendig stelsel om meer dan kleine verschuivingen tussen budgetten. “We moeten de jeugdzorg versterken en beperken,” zegt Aboutaleb. “We willen allemaal minder kinderen in de jeugdzorg. Momenteel zitten er in elke schoolklas gemiddeld vier kinderen in de jeugdzorg. Dat is niet houdbaar.” Om hier verandering in te brengen pleit Aboutaleb voor “grote doorbraken”.

Zo is er volgens Jeugdzorg Nederland extra inzet nodig om laagdrempelige hulp en ondersteuning te organiseren op de plekken waar kinderen en gezinnen zijn. Aboutaleb: “Dat vraagt om een verschuiving van mensen en middelen naar de wijk en de school.” Zo kunnen lichte opvoed- en ondersteuningsvragen vroeg worden opgepakt, wordt voorkomen dat deze uitgroeien tot een specialistische jeugdzorgvraag en blijven kleine problemen ook echt klein. Tegelijkertijd wordt ruimte vrijgemaakt voor het bieden van goede specialistische jeugdzorg voor wie dit het hardst nodig heeft.

Ahmed Aboutaleb: “Wij roepen het kabinet op om niet langer pleisters te plakken, maar samen met gemeenten, aanbieders en professionals het jeugdstelsel fundamenteel te verbeteren.”

Daarnaast moet het kabinet keuzes maken over wat wel en niet onder jeugdzorg valt, en waar deze knip wordt gemaakt. De huidige voorstellen maken echter nog onvoldoende onderscheid tussen lichte, ambulante ondersteuning en specialistische jeugdzorg. Het aangekondigde wetsvoorstel over de reikwijdte van de Jeugdwet en de eindrapportage van de deskundigencommissie Van Ark bieden daarvoor kansen.

Tot slot pleit Jeugdzorg Nederland voor het afschaffen van de marktwerking in de jeugdzorg. De wildgroei van aanbieders maakt het stelsel kwetsbaar en onnodig duur, en moet daarom fors worden teruggedrongen. Berichten over één-op-één plaatsingen en fraude met EVC-certificaten in de sector onderstrepen de noodzaak van stevige eisen aan kwaliteit en integriteit. Goede samenwerking tussen Rijk, gemeenten en aanbieders is nodig om passende en betrouwbare jeugdzorg te waarborgen.


Deel deze pagina: